Ed en Jolanda Bakker

             Round and around  and around we go - rihanna

BIGHORN SHEEP - DIKHOORNSCHAAP

De Bighorn Sheep is een wilde schaap die voorkomt in de bergen van Noord Amerika. Het schaap komt voor in Zuidwest-Canada, Idaho, Montana, zuidwaarts tot Californië, Arizona, New Mexico en Noord-Mexico. Het dier is familie van de sneeuwschaap. 

De Bighorn Sheep dankt zijn naam aan de grote zwarte gekromde hoorns van de mannelijke rammen, die in een krul achter de oren lopen tot achter de wangen, en kunnen wel 80 cm lang worden. Het gewicht van deze hoorns zijn soms net zo zwaar als hun hele skelet, wat erg zwaar is om op je hoofd te hebben. Als ze te lang worden of zijn afgebroken, schuren ze hun hoorns tegen de rotsen om ze korter te maken. Doordat de hoorns zo zwaar zijn hebben de schapen een dikke, stevige nek. Ze hebben een bruine vacht. Hun buik, achterzijde, snuit, oogvlekken en de binnenzijde van de poten zijn wit met een korte bruine staart. De schapen die in de woestijngebieden leven zijn iets lichter van kleur. De rammen zijn middelgroot, ruim 1 m hoog en 1,80 m lang. De vrouwtjes zijn iets kleiner en hebben kleinere en slankere hoorns. De Bighorn Sheep leeft in de bergen, in de woestijn of op vochtige alpenweiden. Ze wonen in een gebied waar weinig mensen en/of roofdieren komen. Het is een zeer goede klimmer en woont op steile rotswanden, hellingen, richels en in canyons. Door hun hoeven kunnen ze zonder problemen steile rotsen beklimmen en van rots naar rots springe

Wanneer ze in de woestijn leven is water van groot belang voor hun voortbestaan. Deze dieren eten grassen, kruiden en bladeren van de struiken. Hun vitamines en mineralen krijgen ze binnen door het likken aan stenen en rotsen. Woestijnschapen eten soms ook wel cactussen. Het is een dagdier dus gaan ze in de schemering of op de dag op zoek naar voedsel. Ze slapen meestal in een grot of op een richel. Bighorn Sheeps worden ong. 15 jaar oud. Hun belangrijkste vijand is de Mountain Lion, maar de lammeren worden ook wel aangevallen door Golden Eagles. Vervelend genoeg is de mens ook een natuurlijke vijand. Ze jagen op de schapen voor hun hoorns en hun vlees.

De ooien leven in kuddes van vijf tot vijftien dieren, meestal uit een dominante ooi met volgelingen en hun nakomelingen. De rammen leven in kleinere kuddes van twee tot vijf dieren. In de winter trekken de dieren naar de dalen en voegen ze zich samen tot één grote kudde van wel honderd dieren om te paren. De oudste ooi is dan de leidster. De bronstijd vindt plaats in de herfst tot de vroege winter. Tijdens deze bronstijd vechten de rammen met elkaar door hard met hun koppen tegen elkaar te slaan. Zo'n gevecht kan soms wel 20 uur duren. Het geluid wat hieruit voorkomt is van verre te horen. Hun schedel is erop gebouwd om deze klappen op te vangen zonder zich te beschadigen. Het is wel zo dat rammen met dezelfde grote van hoorns met elkaar vechten. De grootte van de hoorns bepaald de status. De meest dominante ram paart met de ooien. Na een draagtijd van 6 maanden wordt er per ooi één lammetje geboren op een steile, onbereikbare rotswand. Dezelfde dag kan het lammetje lopen en klimmen. De eerste weken eet het lammetje gras. Na vijf of zes weken wordt het lam gespeend. 

GESPOT in de N.P.  Alberta en British Columbia/Canada en N.P. Californië, Colorado en Wyoming

E-mail