Ed en Jolanda Bakker

             Round and around  and around we go - rihanna

WHITE TAIL DEER - WITSTAARTHERT 

Het witstaarthert komt uit de orde van de evenhoevigen en het is een Amerikaans hert. Hij komt in heel Amerika voor behalve het Zuidwesten, in Zuid-Canada en in geheel Midden-Amerika zuidwaarts tot Brazilië en Peru. In Nieuw-Zeeland, Finland, Tsjechië en Slowakije zijn ze ingevoerd. 

Het witstaarthert kan tussen de 68 cm tot 1,14 m schouderhoogte worden en 1,73 tot 1,80 m lang. Zijn staartlengte tussen de 15 tot 33 cm. Mannetjes, bokken, wegen tussen de 68 tot 141 kg. De vrouwtjes, hindes, zijn kleiner en wegen tussen de 41 tot 96 kg. het vacht van het witstaarthert is in de zomer roodbruin en verandert in de herfst naar grijsbruin. De onderzijde, keelvlek, kring rond om de ogen, snuit en de binnenkant van zijn oren zijn wit. Het dier dankt zijn naam aan de witte punt aan zijn bruine staart. De bokken dragen een gewei. 

Witstaartherten leven in een de bossen, woestijnen, bergen en zelfs moerassen. Ook in buitenwijken kun je ze aantreffen. Het zijn echte groepsdieren. De groep bestaat uit bokken of een moeder met haar jongen. De bokkengroep bestaat uit drie tot vijf dieren. In de winter vormen de bokken en de vrouwjes een grote kudde, tot wel honderdvijftig dieren.

Het is een nachtdier maar het laat zich ook regelmatig overdag zien. Hij zal zich overdag verbergen tussen de begroeiing. Wanneer het dier op zoek gaat naar voedsel gebruikt het altijd dezelfde gangen. Zijn voedsel bestaat uit grassen, kruiden en bladeren, maar ook waterplanten, noten, maiskolven, twijgen, paddenstoelen en korstmossen. Witstaartherten kunnen uitstekende zwemmen en zeer hard rennen. Het hert kan 58 km p.u. rennen, maar ook 9 m ver en 2,6 m hoog springen. 

De bronstijd in Amerika verspreidt zijn van november tot aan februari. In het begin van de bronstijd vechten de bokken voor de hierarchie in de groep. Na de gevechten valt de groep uit elkaar en gaan de bokken op zoek naar de hindes. Ze laten hun geur achter op bepaalde plekken en volgen de hindes om te paren. Een bok probeert met meerdere hindes te paren, maar het komt regelmatig voor dat een bok slechts één hinde dekt. Na een draagtijd van 200 tot 205 dagen worden er twee tot drie kalveren geboren. Het kalf weegt dan ong. 1,5 tot 3,5 kg en heet een gevelkte vacht wat als schutkleur werkt. Na de geboorte verstopt het kalf zich door zichzelf tegen de grond te drukken. De moeder blijft in de buurt van haar kalf en voedt haar kalveren ieder uur voor 2,5 maand. Na drie tot vijf maanden veranderd hun vacht. De kalfjes blijven een jaar bij hun moerder, soms tot de volgende worp. De jonge hindes sluiten zich weer aan bij het vrouwtje. Na twee jaar zijn de witstaartherten geslachtsrijp. Ze worden maximaal 15 jaar in het wild.

De vijanden van het witstaarthert zijn de poema en de wolf. Wanneer er gevaar dreigt maakt het witstaarthert snuivende geluiden en stampt hij met zijn hoeven. In de vlucht zet hij zijn staart omhoog waarbij je een grote witte vlek, die normaal wordt verborgen zit onder de staart, zichtbaar wordt. Dit doet het hert om andere witstaartherten te waarschuwen en zodat het kalfje de moeder volgen. 

GESPOT in diverse staten van de VS en Canada    

E-mail